Home
Alphen
Agenda
Downloads
Fotoalbums
Links
Nieuwsarchief
Plattegrond
Contact Site

Wat is WHAM
Onze Collectie
Nieuwsbrieven
WHAM Winkel
Contact WHAM

Bedrijvigheid
Bidprentjes
Gebouwen
Ontmoetingen
Prinsengalerij
Religie
Signalement
Straatnamen
Zoekplaatjes

 

Ontmoeting met Janus van Hoogstraten

(overgenomen uit de UNION van december 1984. Hier en daar aangevuld en gecorrigeerd door WHAM)


Voor de derde in de rij ontmoetingen zijn we even over de grens geweest, naar Dreumel. In de polder aan de Zijvond woont Janus van Hoogstraten, overigens een echte Alphenaar. Sinds 4 augustus 1954 woont hij daar op één van de eerste ruilverkavelingboerderijen.

Het gaat er tegenwoordig wel wat anders aan toe dan in de tijd dat Janus voor het eerst met het boerenbedrijf te maken kreeg. Op Greffele, in een huis dat vanaf 1852 door de familie van Hoogstraten werd bewoond, werd het brood voornamelijk in die sector verdiend. Grootvader kwam als boerenknecht in Alphen werken en kocht in 1852 het huis van van Orsouw uit Maasbommel.

In zijn jeugd werkte Janus nog een jaar op Mortese bij Hend van Gert van Os, maar iedere dag op en neer met de klompen dat was niet te doen, dus kost en inwoning. Enkele jaren later trok hij iedere dag met de tuit voor op de fiets naar het Maasbommelse veld om de koeien te gaan melken. In het begin waren het drie koeien en bovendien hadden ze nog wat paarden. Het opbinden van koren leverde daarnaast nog 5,5 cent voor 100 gerven op.

Op Greffele waren nogal wat ambachten vertegenwoordigd, zoals een maalderij/winkel (Jan Hol), smid (Jan van Gessel), schilder (Albert van Rossum), aannemer (van Heck), en bakker (Piet Derks). Een kiosk voor film en uitvoeringen stond midden op Greffele waar trouwens ook de jaarlijkse kermis werd gehouden, op zondag na 17 september, het feest van St. Lambertus.

In 1907 werd een harmonie opgericht waarvan Hend Mollenberg beschermheer was en die ging oefenen in de harmoniezaal. Door wat problemen verdween de harmonie weer, maar werd later opnieuw opgericht. Van deze tweede harmonie is Janus nog enige tijd lid geweest. Bij het 12,5 jarig bestaan van de harmonie speelde zich een drama af, toen het paard van Dirk van Oijen weigerde de praalwagen te trekken. Dirk bleef dood toen dat gebeurde.

De mensen kwamen in die tijd niet zo veel buiten het dorp, behalve voor de Osse mert natuurlijk. Daar werden de dingen gekocht waar je in Alphen niet aan kon komen, leer om klompen te lappen, klompenpinnen en zolen voor onder de schoenen. Het Oijense veer had het dan ook altijd druk om de mensen over te zetten.

Van Daalwijk verkocht het veer voor f 13.000,-- aan Marinus van Teeffelen, die het op zijn beurt weer verkocht aan Johan van Soest. Bij het veer hoorde ook het veerhuis, dat ook als hotel dienst deed. Janus weet zich nog te herinneren, dat op een dag 2 gasten vertrokken zonder te betalen. Zij waren gegaan en hadden een tas achter gelaten, maar die bleek vol met stenen te zitten. 'Als ze morgen terugkomen, zal ik ze wel krijgen', liet Marinus van Teeffelen iedereen weten.
Maar ze kwamen natuurlijk niet terug.

Dat het kerkelijke leven in die tijd erg belangrijk was is bekend. Janus vertelt van de Pasjonkele retraite, waarvoor men met Allerheiligen naar het klooster in Megen trok. In Megen kon je een volle aflaat verdienen, in Alphen geen. In de jaren 30 kon dat in Alphen ook. Iemand in Alphen heeft het gepresteerd om achter elkaar 76 aflaten te verdienen.
Met Pasen trokken ook nogal wat parochianen naar Megen om te gaan biechten. Om 12 uur 's nachts begon de tocht voor de biecht, de communie en de aflaat, zodat iedereen om 8 uur 's morgens weer terug was. Bij café Muskus werd wat koffie gedronken om de tocht goed te kunnen volbrengen, hoewel we van Janus hebben begrepen dat in enkele gevallen ook wel eens wat anders door de slokdarm ging.

Zondag na 17 september (het feest van St. Lambertus), was het niet alleen kermis, er kwamen dan 2 paters uit Megen naar Alphen. Voor de missiepreken kwamen vreemde paters 10 dagen lang naar Alphen. Iedereen ging dan elke avond naar de kerk toe. Janus ging in Dreumel of Druten luisteren naar Pater Peters, die erg goed preken kon. In Alphen was er in die tijd Pastoor Sloots, waarbij Janus ook naar de catechismus ging, die werd gegeven in een ruimte, die stond tussen de pastorie en het café waar nu Hoogervorst woont.

Voor het onderwijs zorgden Gerrit Sas (de vader van Fons Sas, later ook onderwijzer in Alphen), meester Derks (de vader van Piet, Hein en Sjaak), Termont, Timmermans en Bergonje. Na de lagere school ging Janus nog enkele dagen per week naar de avondschool, meester Lammers zorgde voor de middenstandslessen.

De ontspanning bestond voornamelijk uit Jenzen, een soort biljartspel (Albert van Rossum had een jensbaan) en kremere (met een mosterdbal van zo'n 10 pond proberen centen die op een rij staan om te gooien). Op de vraag of er ook kattenkwaad werd uitgehaald zegt Janus: 'kattenkwaad, nee dat deden wij niet', maar de manier waarop hij dat zei, en de gelaatstrekken die we aanschouwden spraken boekdelen.

'De crisistijd ben ik goed doorgekomen', zegt Janus. Voor de werkgelegenheid was het verleggen van de Maas een goede zaak. Er was nogal wat verborgen werkeloosheid. De wert werd afgeroofd (2 meter eraf), zand opgespoten en een halve meter grond werd er op gebracht. Voor het zware werk kregen de mensen f 9,50 per week en de opzichter (Holverda, een Fries), regeerde met harde hand.

Alphen is door de verlegging van de Maas nog 100 bunder grond kwijtgeraakt aan Lithoijen. In plaats van via de afweg bij Al de Klein, moesten de boeren voortaan over het Oijense veer naar hun land, en het veer was niet goedkoop. Voor een paard met wagen en één persoon moest f 1,-- worden betaald. En als het biljet van 1 gulden wegwaait en je moet dan nog f 1,-- betalen, wat Janus overkwam, dan is het zeker een dure overtocht.

Vroeger ging je 's avonds naar de Maas vissen, als je niet hoefde te werken. Tegenwoordig zit hij vaker aan de waterkant, aan de wetering hierachter of bij de sluis. Ik heb dit jaar al 20 snoeken gevangen, maar ik kan wel slecht aan snoekvisjes komen, zegt hij. Als ik er één heb moet ik wel wachten tot Jo of Jan komt om hem met het schepnet er uit te halen, want dat kan ik zelf niet meer.

Dat de geschiedenis van Alphen en zijn familie de volle aandacht bij Janus heeft, blijkt wel als hij met enige trots een uitgebreide stamboom laat zien.
Op een tekening heeft hij ook vastgelegd de huizen die in Alphen stonden, maar die in de loop der jaren werden afgebroken. Ja, Greffele was vroeger een drukke buurt, maar iedereen hielp elkaar en het was er gezellig.

Janus van Hoogstraten

 


website by AageM